Herman De Coninck/ Benno Barnard/ Piet Piryns/ Paul De Wispelaere. De tweede vrouw van Dik Trom.
Gelegenheidsuitgave n.a.v. het vijfjarig bestaan van het Nieuw Wereldtijdschrift. 1988 Antwerpen/ Amsterdam, Dedalus/ Nijgh & Van Ditmar, eerste druk, luxe-exemplaar, oplage 20 genummerde en door de vier auteurs gesigneerde exemplaren, gebonden door handboekbinderij De Pers, in grijs en geel linnen. 78p. 21,5:13,5 cm. Met ingelegd voorplat van de reguliere editie.
Gerelateerd

Leonard Nolens. De muzeale minnaar.
Brugge 1973, Uitgeverij Sonneville, eerste druk. 38p. 20:13 cm. Garenloos.
‘De muzeale minnaar’ verscheen na deze uitgave nooit meer in druk.
De dichter verkiest om dit vroege werk samen met de gedichten uit zijn eerste bundel ‘Orpheushanden’ (1969) niet op te nemen in edities van zijn gedichten.
Het verschijnen en bestaan van de bundel ‘Orpheushanden’ was blijkbaar zo onopgemerkt gebleven dat Nolens in 1974 voor ‘De muzeale minnaar’ werd bekroond met de prijs voor het literaire debuut (…)
In de verantwoording van de verzamelbundel ‘Hart tegen hart’ (1991 Querido) beschrijft Nolens zijn eerste twee bundels als ‘een kluwen dat in latere bundels wordt afgewikkeld’ en een begin ‘waarin men woorden heeft en nog geen taal’.

Remco Campert / Ysbrant. Zeventien schetsen voor Ysbrant. Gedichten met vijf zeefdrukken van Ysbrant.
1996 Antwerpen, Revolver, eerste druk, oplage 380 exemplaren 25,5:20 cm. Garenloos.
Gesigneerd door Remco Campert en Ysbrant.

Johan Joos. Chanson Inutile.
1996 Amsterdam / Antwerpen Uitgeverij Voetnoot eerste druk 14,5:15 cm. Ingenaaid.

Jeroen Brouwers. Joris Ockeloen en het wachten. Een lotgeval.
1967 Brussel/ Den Haag, Manteau, eerste druk, 176p. 20:12,5 cm. Garenloos. Met opdracht aan collega-schrijver Nico Wijnen (1916-1989): “voor Nico Wijnen/ met een hart vol sympathie/ & ter herinnering aan onze/ eerste ontmoeting in Den Haag/ op 13 mei 1968./ Jeroen Brouwers./ Brussel. 5/7/68”. (Dertien mei 1968 was de dag waarop de Vijverbergprijs voor ‘Joris Ockeloen en het wachten’ werd uitgereikt.)

Mon Meerts / Gust Gils. Drie bagatellen in gebiedende wijs. Met illustraties van Gust Gils.
1954 Antwerpen Lode Opdebeek Eerste druk, oplage 450 genummerde exemplaren, één van de vijfentwintig Romeins genummerde exemplaren. 22:16,5 cm. Ingenaaid.
Met opdracht: “voor hug c. pernath/ (die zonder snor, niet te verwarren met die van/ de krokodillen)/ brasschaat 16.IV.54/ gust gils/ (illustrator)”

Remco Campert / Wim Crouwel. De letter N.
Gedicht van Remco Campert grafisch verbeeld door Wim Crouwel. 1967 Amsterdam, Drukkerij Den Ouden, nieuwjaarsgeschenk, niet in de handel. In verschillende kleuren gedrukt en gebonden als blokboek. 26p. 15:20,5 cm. Omslag met lichte gebruikssporen.
Door Campert gesigneerd in potlood op de binnenflap van het omslag.

Remco Campert (als Wessel Franken). Het gangstermeisje.
1965 Amsterdam, De Bezige Bij, tweede druk, 169p. 20:12,5 cm. Garenloos. Eén van een beperkt aantal exemplaren voorzien van fictief extra omslag met auteursnaam Wessel Franken, te zien in de verfilming van Het gangstermeisje (1966).

Ben Klein. Nieuwe pohesie.
1968 Antwerpen Artisjokreeks 1 eerste druk, oplage 200 genummerde en gesigneerde exemplaren. 47p. 24:20 cm. Ingenaaid.
Omslagfoto Filip Tas.
